9 maart 2026 | Het laatste automotive nieuws het eerst op kenteken.org
Geely en Zeekr sluiten aan bij BYD in de race om 1.500 kW-laden
Geely en de Zeekr 001 tonen dat BYD niet langer alleen staat in de jacht op 1.500 kW ultrasnel laden
BYD zette de toon, maar het nieuwe verhaal draait in werkelijkheid om Geely en Zeekr. Waar BYD de afgelopen dagen nog vrijwel alleen het gesprek domineerde over 1.500 kW-laden, lijkt daar nu een serieuze uitdager naast te staan. Volgens Electrek, deels op basis van informatie die via Autohome en CarNewsChina naar buiten kwam, heeft Geely niet alleen een snel groeiend eigen laadnetwerk opgebouwd, maar laat de vernieuwde 2026 Zeekr 001 ook laadpieken zien die boven de grens van 1.500 kW uitkomen. Dat is groot nieuws, niet omdat BYD ineens van zijn troon valt, maar omdat megawattladen voor personenauto’s daarmee verschuift van indrukwekkende uitzondering naar een nieuw concurrentieveld. En precies dat maakt dit moment zo relevant.
Dit is eigenlijk een Geely- en Zeekr-verhaal
De verleiding is groot om dit nieuws uitsluitend door de bril van BYD te bekijken. Dat is begrijpelijk, want BYD zette de benchmark. Het merk claimde als eerste in dit segment een laadomgeving van 1.500 kW, met concrete referentiewaarden die veel aandacht trokken: van 10 naar 70 procent in ongeveer 5 minuten, van 10 naar 97 procent in 9 minuten, en zelfs rond 12 minuten bij temperaturen van -30 graden Celsius. Zulke cijfers verschuiven de lat voor wat “snelladen” nog betekent.
Toch is het belangrijk om helder te zijn over het frame. BYD bepaalt hier nog altijd de referentie, maar het verhaal van vandaag is in essentie een Geely/Zeekr-verhaal dat tegen die benchmark wordt afgezet. Niet omdat Geely precies hetzelfde systeem kopieert, maar omdat het concern nu laat zien dat het op dezelfde vermogensorde opereert. Tot voor kort kon BYD zich nog redelijk uniek positioneren met laadvermogens waar de rest van de markt vooral over fantaseerde. Dat monopolie op de headlines lijkt nu voorbij.
Voor de EV-markt is dat misschien wel belangrijker dan één losse recordsessie. Zodra twee grote Chinese groepen in dezelfde richting bewegen, verandert een technologische stunt in een strategische wedloop. Dan gaat het niet meer alleen om wie de snelste demo heeft, maar om wie voertuigen, batterijen, laadpalen en infrastructuur het snelst naar schaal kan brengen.
Geely bouwt eerst het netwerk, en dat telt
Een van de meest concrete onderdelen van het bericht zit niet eens in de auto, maar in de infrastructuur. Geely zou inmiddels 2.103 stations in 215 steden hebben binnen zijn zelf ontwikkelde laadnetwerk. Daarvan zouden 1.216 locaties zijn aangemerkt als ultra-fast charging-stations. Het totale netwerk omvat volgens de gemelde cijfers 10.212 laadpunten, waaronder 5.548 ultra-fast chargers.
Dat zijn cijfers die om twee redenen relevant zijn. Ten eerste laten ze zien dat Geely dit onderwerp niet als een geïsoleerde technologiedemo benadert. Een extreem snelle laadauto zonder serieuze netwerkaanwezigheid blijft marketing. Een fabrikant die tegelijk voertuigen en laadlocaties opschaalt, stuurt op systeemvoordeel.
Ten tweede laat het zien hoe snel de discussie verschuift. In Europa praten we nog vaak over het verschil tussen 150 kW, 300 kW en incidenteel 350 kW. Dat zijn relevante stappen, maar ze spelen zich af binnen een kader waarin een laadstop nog altijd iets is waar je bewust tijd voor inruimt. Zodra Chinese merken in hun thuismarkt duizenden aansluitingen in een veel hogere vermogensklasse beginnen te positioneren, verandert de verwachting van de consument automatisch mee.
Dat betekent niet dat al die 2.103 stations hetzelfde prestatieniveau bieden of dat iedere locatie automatisch dezelfde piek haalt. Maar het onderliggende signaal is duidelijk: Geely probeert niet alleen een auto te bouwen die snel laadt, het probeert een ecosysteem te bouwen waarin dat ook benut kan worden.
De laadpaal en de auto zijn niet hetzelfde verhaal
Bij ultrasnelladen loopt de berichtgeving vaak vast op een klassieke verwarring: de capaciteit van het laadstation is niet hetzelfde als het daadwerkelijke laadvermogen van de auto. Juist in dit dossier is dat onderscheid cruciaal.
Geely’s eigen Extreme Charge Megawatt Pile zou via een enkele connector pieken tot 1.300 kW kunnen leveren. Dat is op zichzelf al uitzonderlijk. Maar vervolgens wordt ook gemeld dat de vernieuwde 2026 Zeekr 001 meer dan 1.500 kW piekvermogen heeft “ontgrendeld”. Wie die twee claims naast elkaar legt, merkt meteen dat nuance nodig is.
Een laadoplossing bestaat uit meerdere lagen. Je hebt de theoretische en praktische capaciteit van de laadpaal. Je hebt de vermogenselektronica, de spanning van het voertuig, de accutemperatuur en de softwarelogica in de auto. En je hebt de laadcurve, die bepaalt hoe lang een auto een hoge piek werkelijk vasthoudt. Een headline over 1.500 kW zegt dus nog niet automatisch dat een bestuurder structureel of langdurig op dat niveau laadt.
Dat is geen cynische voetnoot, maar precies de kern van het verhaal. In de EV-wereld telt niet alleen de hoogste piek, maar vooral de combinatie van piek, gemiddelde laadsnelheid en reproduceerbaarheid. Een auto die heel even een extreem getal aantikt, maar daarna snel terugvalt, voelt in de praktijk anders aan dan een model dat iets lager piekt maar zijn laadcurve veel beter vasthoudt.
Waarom die 1.500 kW-piek van de Zeekr 001 zo opvallend is
Toch moeten we de claim rond de 2026 Zeekr 001 ook niet te klein maken. Als de gemelde informatie klopt, dan is dit een van de eerste duidelijke signalen dat BYD in deze vermogensklasse niet langer alleen opereert. De vernieuwde Zeekr 001 zou met een 12C-laadsnelheid meer dan 1.500 kW piekvermogen hebben vrijgemaakt. Dat plaatst de auto direct in hetzelfde gesprek als BYD.
Daarmee ontstaat een interessant contrast. BYD heeft de benchmark gezet en kon zijn verhaal koppelen aan concrete laadtijden en een bredere infrastructuurvisie. Geely en Zeekr lijken nu niet per se te zeggen dat ze BYD al overal overtreffen, maar wel dat ze in dezelfde arena spelen. Dat alleen al is strategisch belangrijk. Zodra concurrenten op headline-niveau in dezelfde cijfers komen, verliest de pionier een deel van zijn exclusiviteit.
Voor Zeekr is de symbolische waarde nog groter omdat de 001 al langer geldt als een technologisch belangrijk model binnen het concern. Het is geen obscure conceptcar of een eenmalig demonstratievoertuig, maar een modelnaam die echt gewicht draagt. Als juist die auto nu wordt gekoppeld aan megawatt-achtige laadprestaties, wordt de claim automatisch serieuzer dan wanneer die van een futuristische showcar zou komen.
Dat betekent nog steeds niet dat BYD van het toneel verdwijnt. Integendeel: BYD blijft voorlopig het merk dat de norm heeft gezet. Maar Geely en Zeekr maken duidelijk dat die norm niet onaanraakbaar is.
Wat 12C eigenlijk betekent
De term 12C klinkt spectaculair, maar vraagt om uitleg. In batterijtaal geeft de C-rate aan hoe snel een batterij ten opzichte van zijn capaciteit wordt geladen of ontladen. Een 1C-laadsnelheid betekent grofweg dat een batterij in theorie in een uur volledig geladen kan worden. Een 2C-snelheid halveert die tijd. Bij 12C praat je dus over een extreem hoge laadacceptatie.
Bij een accupakket van 95 kWh is dat een opvallend cijfer. In vereenvoudigde vorm suggereert een zeer hoge C-rate dat de batterij in theorie energie opneemt met een tempo dat vele malen hoger ligt dan wat we vandaag bij de meeste EV’s normaal vinden. Dat is niet alleen een kwestie van “meer stroom erin pompen”. Het vraagt om batterijchemie die zulke stromen verdraagt, om geavanceerde koeling en om software die temperatuur, spanning en veiligheid voortdurend bewaakt.
Juist daarom is 12C interessanter dan een los piekgetal. Het wijst op een batterij die fundamenteel is ontworpen voor extreem snel laden. In de huidige Europese context zitten veel auto’s nog in een wereld waarin 2C of 3C al netjes oogt. Sommige geavanceerde modellen komen hoger uit, maar 12C duidt op een veel agressievere laadfilosofie.
Dat heeft ook een belangrijk psychologisch effect. Consumenten begrijpen niet altijd direct wat 900V, C-rate of piekvermogen precies betekent, maar ze begrijpen wel het resultaat: minder stilstaan, minder plannen en laadstops die meer op tanken gaan lijken. Uiteindelijk is dat de echte relevantie van zulke cijfers.
De stap van 800V naar 900V is meer dan een detailslag
De vernieuwde 2026 Zeekr 001 werd in oktober gelanceerd en stapte volgens de gemelde informatie over van een 800V- naar een 900V-architectuur. Dat klinkt voor veel lezers als een technische nuance, maar in werkelijkheid is het een sleutelonderdeel van het hele verhaal.
Hogere spanning maakt het mogelijk om bij hetzelfde vermogen met lagere stroomsterkte te werken. Dat is belangrijk, want extreem hoge stromen veroorzaken meer warmte en stellen zwaardere eisen aan kabels, componenten en koeling. Wie richting megawattladen wil bewegen zonder dat alles onpraktisch groot, zwaar of heet wordt, heeft baat bij een hogere systeemspanning.
In de praktijk zagen we de laatste jaren hoe 800V-architecturen al een duidelijk voordeel boden ten opzichte van oudere 400V-systemen. Merken als Porsche, Hyundai, Kia en Lucid hebben laten zien dat zo’n hogere spanningsklasse helpt om de laadcurve te verbeteren en kortere sessies mogelijk te maken. De stap naar 900V laat zien dat Chinese fabrikanten dat spel verder opschroeven.
Het is dus niet simpelweg een groter getal op een datasheet. Het is een teken dat de hardwarebasis van de auto doelbewust wordt ingericht voor een laadwereld waarin 350 kW niet meer het eindpunt is, maar eerder een tussenfase.
Waarom 95 kWh in ongeveer zeven minuten zo indrukwekkend is
Volgens het bericht gebruikt de 2026 Zeekr 001 een zelf ontwikkelde 95 kWh Golden Battery, en zou laden van 10 naar 80 procent in ongeveer 7 minuten mogelijk zijn. Als dat cijfer standhoudt, dan praten we over een prestatie die veel verder gaat dan cosmetische verbetering.
De rekensom is eenvoudig genoeg om het belang te begrijpen. Van 10 naar 80 procent betekent bij een 95 kWh-batterij dat ongeveer 66,5 kWh wordt toegevoegd. Dat in circa 7 minuten doen, impliceert een gemiddeld laadtempo dat extreem hoog ligt, niet alleen een korte piek. En juist dat maakt het verschil. In de praktijk is gemiddelde laadsnelheid over het bruikbare venster meestal belangrijker dan de hoogste top die een auto heel even aantikt.
Daarmee wordt ook duidelijk waarom de combinatie van 12C, 900V en een eigen batterij zo’n sterk pakket vormt. Het gaat niet om één magisch onderdeel, maar om een systeem waarin accucellen, koeling, platformspanning en laadsoftware op elkaar zijn afgestemd.
Voor Europese lezers is dit misschien nog het beste vergelijkingspunt: veel EV’s die hier vandaag als “snel ladend” gelden, doen ongeveer 18 tot 25 minuten over een laadsessie van 10 naar 80 procent, afhankelijk van model, temperatuur en laadcurve. Zeven minuten duwt die ervaring een compleet andere categorie in. Dan praat je niet meer over een koffiepauze, maar eerder over een korte onderbreking die je nauwelijks als laadstop beleeft.
BYD blijft de maatstaf, maar niet meer de enige
Het is verleidelijk om van elke nieuwe claim meteen een winnaar-en-verliezerverhaal te maken. Dat is hier te simpel. BYD blijft voorlopig de partij die de benchmark heeft gezet. Niet alleen met headline-vermogens, maar ook met concrete beloftes over laadtijd en met een verhaal dat infrastructuur en voertuigontwikkeling expliciet aan elkaar koppelt.
Maar Geely en Zeekr doen nu iets anders belangrijks: ze nemen BYD’s positie als enige speler in deze categorie weg. En zodra dat gebeurt, verandert de dynamiek fundamenteel. Dan verschuift de aandacht van “kan dit?” naar “wie doet het het best, het snelst en op de grootste schaal?”.
Voor de markt is dat uitstekend nieuws. Concurrentie dwingt merken om claims sneller te concretiseren. Ze dwingt tot betere batterijen, geloofwaardiger laadcurves, sterkere netwerken en uiteindelijk waarschijnlijk tot lagere kosten. Het is ook een teken dat de Chinese EV-industrie inmiddels in een fase zit waarin innovatie niet meer uitsluitend draait om meer range of lagere prijzen, maar steeds nadrukkelijker om gebruikservaring. Hoe minder tijd laden kost, hoe kleiner het praktische verschil met fossiel rijden wordt.
In die zin gaat dit verhaal over veel meer dan een piekgetal. Het gaat over de volgende concurrentielaag in EV-land.
Voorzichtigheid blijft nodig bij deze claims
Tegelijk hoort er een serieuze waarschuwing bij. Een deel van de Geely- en Zeekr-informatie komt via secundaire rapportage. Electrek verwijst voor delen van het verhaal naar Autohome en CarNewsChina. Dat zijn relevante bronnen, maar het blijft verstandig om onderscheid te maken tussen officieel bevestigd fabrieksspecs, demonstratieclaims en informatie die via meerdere schakels wordt doorgegeven.
Bij zulke extreme laadvermogens is context alles. Onder welke omstandigheden werd de piek gemeten? Ging het om één optimale sessie met perfect voorverwarmde batterij? Wat was de buitentemperatuur? Hoe lang bleef de auto boven de 1.000 kW? En hoe vertaalt dat zich naar dagelijks gebruik, meerdere laadsessies achter elkaar en batterijslijtage op langere termijn?
Die vragen doen niets af aan de betekenis van het nieuws, maar ze helpen wel om het goed te lezen. Wie vandaag “meer dan 1.500 kW” hoort, moet niet automatisch denken dat elke Zeekr-rijder straks overal in zeven minuten klaar is. Wat dit moment vooral laat zien, is dat de technische grens opschuift en dat meerdere Chinese spelers dicht in elkaars buurt komen.
In een sector vol superlatieven is dat onderscheid essentieel. Anders loop je het risico om een interessante doorbraak te reduceren tot pure hype.
Waarom dit ook voor Nederland en Europa belangrijk is
Op het eerste gezicht is dit vooral Chinees nieuws. Chinese merken, Chinese infrastructuur, Chinese laadvermogens. Toch is de relevantie voor Europa groter dan ze lijkt. Niet omdat er morgen ineens 1.500 kW-laders langs de A2 staan, maar omdat consumentverwachtingen wereldwijd verschuiven.
Europese EV-rijders hebben de afgelopen jaren geleerd dat 150 kW prima is, 250 kW indrukwekkend voelt en 350 kW zo’n beetje de top van het publieke landschap vormt. Als Chinese fabrikanten daar structureel ver boven gaan zitten, verandert automatisch de vraag die ook hier gesteld wordt. Niet meer: “Hoeveel range heb ik?” maar steeds vaker: “Hoe snel heb ik die range terug?”
Dat kan op termijn grote gevolgen hebben voor fabrikanten en laadexploitanten in Europa. Merken die hier nog jarenlang met matige laadcurves en conservatieve architecturen blijven werken, lopen het risico ouderwets te ogen. Exploitanten zullen zich moeten afvragen hoe hun netwerken meegroeien met voertuigen die om veel hogere vermogens vragen. En overheden krijgen er een infrastructuuruitdaging bij, want megawattachtig laden op grote schaal vraagt om zware netaansluitingen, slimme buffering en een elektriciteitsnet dat zulke pieken kan opvangen.
Voor Nederland geldt nog iets extra’s. Ons land heeft een volwassen laadcultuur en een dicht netwerk, maar ook serieuze problemen met netcongestie. Juist daarom is deze ontwikkeling relevant. De lat voor laadsnelheid stijgt wereldwijd, terwijl de fysieke werkelijkheid van het Europese net veel stroperiger is. De komende jaren zal dus niet alleen blijken welke merken de snelste auto’s bouwen, maar ook welke markten hun infrastructuur snel genoeg kunnen moderniseren.
Megawattladen wordt nu echt een concurrentieveld
Misschien is dat wel de kern van dit hele nieuws. Tot voor kort voelde megawattladen voor personenauto’s nog als iets dat vooral bedoeld was om indruk te maken. Interessant, ambitieus, maar nog op afstand van de echte markt. Zodra BYD én Geely/Zeekr in dezelfde week in die vermogensklasse opduiken, verandert dat beeld.
Dan wordt megawattladen geen curiositeit meer, maar een nieuw strijdtoneel. Een plek waar merken laten zien hoe ver ze zijn met platformspanning, batterijchemie, koeling, laadinfrastructuur en integratie van al die systemen. Dat gevecht gaat uiteindelijk niet alleen om records, maar om een veel bredere vraag: wie maakt van extreem snel laden een normale ervaring voor gewone kopers?
BYD heeft de benchmark neergezet. Geely en Zeekr lijken nu te zeggen dat ze niet van plan zijn om van afstand toe te kijken. Voor de consument is dat de best mogelijke uitkomst. Want zodra zulke technologie niet meer exclusief is voor één merk, stijgt de kans dat ze sneller volwassen, betrouwbaarder en bereikbaarder wordt.
Conclusie
Het belangrijkste nieuws van dit moment is niet simpelweg dat er nóg een merk over 1.500 kW praat. Het is dat BYD niet langer alleen lijkt te staan in deze klasse. Geely meldt een omvangrijk eigen laadnetwerk met 2.103 stations in 215 steden, 1.216 ultra-fast locaties, 10.212 laadpunten en 5.548 ultra-fast chargers. De eigen Extreme Charge Megawatt Pile zou 1.300 kW via één connector halen, terwijl de vernieuwde 2026 Zeekr 001 volgens de berichtgeving meer dan 1.500 kW piekvermogen heeft laten zien, dankzij een 12C-laadsnelheid, 900V-architectuur en een 95 kWh Golden Battery.
Dat maakt dit tot een verhaal over Geely en Zeekr, ook al blijft BYD de benchmark waar alles tegen wordt afgezet. BYD zette de norm met zijn 1.500 kW-verhaal en concrete laadtijden. Geely en Zeekr laten nu zien dat die norm niet exclusief hoeft te blijven. Met alle nodige voorzichtigheid rond secundaire bronnen en extreme piekclaims is de boodschap helder: megawattladen schuift op van uitzondering naar competitief slagveld. En zodra dat gebeurt, verandert ook in Europa de vraag niet meer of ultrasnel laden eraan komt, maar hoe snel wij onze verwachtingen daaraan moeten aanpassen.
Bron: Geely/Zeekr via Electrek
Bron: Electrek en secundair via Autohome / CarNewsChina
Eerder
-
Abarth 600e: krachtigste elektrische sportwagen met 280 pk en sperdiff 17 feb., 2025 -
Abarth 600e Competizione: 280 pk elektrische hot hatch vanaf € 40.999 05 mrt., 2026 -
Alfa Romeo viert 75 jaar vierwielaandrijving en verbindt Q4 met elektrificatie 11 mrt., 2026 -
Alpine A390 GT nu te bestellen in Nederland vanaf 67.900 euro 31 mrt., 2026