9 maart 2026 | Het laatste automotive nieuws het eerst op kenteken.org
Lancia Ypsilon Rally2 zet serieuze stap op gravel tijdens Foligno-test
Lancia Corse gebruikt de Rally Città di Foligno als serieuze graveltest voor de nieuwe Ypsilon Rally2 HF Integrale richting WRC2
De Rally Citta di Foligno leverde Lancia misschien geen overwinning op, maar wel iets dat in deze fase van het programma zwaarder kan wegen: harde, bruikbare kennis. Op 6 en 7 maart, tijdens de openingsronde van het Campionato Italiano Rally Terra 2026, reed de nieuwe Lancia Ypsilon Rally2 HF Integrale voor het eerst op gravel onder echte wedstrijdomstandigheden. Dat gebeurde niet op een vriendelijk testparcours, maar op een ondergrond die bekendstaat als rotsachtig, ruw en genadeloos voor auto, banden en afstelling. Juist daarom was Foligno een relevante graadmeter. Met Nikolay Gryazin en Konstantin Aleksandrov als tweede algemeen, op slechts 10,2 seconden van de winst, plus een tweede auto voor Yohan Rossel en Arnaud Dunand die ondanks technische problemen waardevol setupwerk afwerkte, kreeg Lancia precies wat het nodig had: wedstrijddata, vergelijkingsmateriaal en een realistischer beeld van waar de Ypsilon Rally2 nu staat.
Foligno was geen symbolische deelname
Wie alleen naar de uitslag kijkt, ziet een sterk debuut op onverhard. Wie iets dieper kijkt, begrijpt dat de Rally Citta di Foligno voor Lancia vooral een werkweek in wedstrijdvorm was. Deze rally vormde de seizoensopening van het Italiaanse gravelkampioenschap, het Campionato Italiano Rally Terra 2026, en dat kampioenschap staat bekend om proeven die technisch veeleisend en mechanisch hard zijn. Voor een nieuwe Rally2-auto is dat geen zachte introductie.
Dat maakt de keuze voor Foligno interessant. Een merk dat alleen op een fraai persmoment uit zou zijn, kiest eerder voor een gecontroleerde testsessie of een evenement met minder risico op schade en variabelen. Lancia deed het tegenovergestelde. Het merk zette de Ypsilon Rally2 HF Integrale voor het eerst op gravel in een echte rally, met tijdsdruk, servicevensters, bandendegradatie, veranderende grip en de stress van competitieve kilometers. Dan krijg je geen laboratoriumresultaat, maar informatie die direct iets zegt over de belastbaarheid van chassis, differentiëlen, dempers, software-aansturing, rembalans en bandengebruik.
Dat past bij de fase waarin dit project zich bevindt. De eerste opdracht is nog niet om elk evenement te domineren, maar om de auto onder zoveel mogelijk relevante omstandigheden te begrijpen. Foligno was daarvoor bijna ideaal: snel genoeg om zwakke plekken bloot te leggen, lang genoeg om trends in slijtage te herkennen en hard genoeg om aannames uit tests op losse schroeven te zetten.
Waarom gravel de ultieme reality check is
Gravel is in de rallysport meer dan alleen een andere ondergrond. Het is een compleet andere ontwikkelomgeving. Op asfalt kun je een auto relatief precies afstemmen op gripniveaus, rempunten en temperatuurvensters. Op gravel verschuift alles constant. Het gripniveau verandert van bocht tot bocht, de rijlijn wordt beïnvloed door losse stenen, sporen worden dieper naarmate meer auto’s passeren en de auto beweegt veel nadrukkelijker op zijn vering en aandrijflijn.
Daar komt bij dat de gravelproeven rond Foligno berucht zijn om hun ruwe karakter. Het gaat niet om een zachte laag losse aarde boven een vlakke basis, maar om een rotsachtige en abrasieve ondergrond. Dat betekent hoge piekbelastingen voor ophanging en stuurinrichting, veel werk voor de dempers en tegelijk veel stress voor de banden. Zeker nu Hankook in de vergelijking en opbouw van ervaring een rol speelt, is dat relevant. Een band die op papier goed functioneert, moet in de praktijk ook een bruikbaar werkvenster hebben over een volle lus, met variërende temperaturen, spoorvorming en steenslag.
Voor engineers is gravel daarom waardevol omdat het meerdere disciplines tegelijk test. Je bekijkt niet alleen absolute snelheid, maar ook hoe de auto tractie opbouwt uit langzame bochten, hoe hij stabiliteit houdt op snellere secties, hoeveel vertrouwen de vooras geeft op remmen in los materiaal en hoe voorspelbaar de auto reageert als de ondergrond ineens verslechtert. Een coureur kan op gravel heel snel aangeven of een auto hem uitnodigt om harder te rijden of juist dwingt tot marge. Dat gevoel is moeilijk in cijfers te vangen, maar wel essentieel in ontwikkeling.
Twee crews, twee rollen, veel informatie
Lancia verscheen in Foligno met twee officiële crews, en dat is belangrijker dan het op het eerste gezicht lijkt. Nikolay Gryazin reed samen met Konstantin Aleksandrov. De tweede auto werd bemand door Yohan Rossel en Arnaud Dunand. Twee verschillende rijders met hun eigen voorkeuren, referentiekaders en feedbackstijl geven een team de kans om hypotheses sneller te toetsen.
Dat is precies wat een fabrikant in deze fase zoekt. Als beide crews klagen over dezelfde eigenschap, bijvoorbeeld initiële instuurreactie of tractie uit haarspelden, dan wijst dat op een structureel punt in de afstelling of basisbalans. Als de meningen uiteenlopen, kan het team gericht kijken naar setupfilosofie, rijstijl of verschillen in bandengebruik. Volgens de essentie van de reactie van teambaas Didier Clement leverde die eerste graveloptreden veel informatie op, juist omdat er met verschillende setupbenaderingen is gewerkt. Dat is een belangrijke constatering: het programma draaide niet slechts om rondrijden, maar om vergelijken.
In moderne rallyontwikkeling is die vergelijking goud waard. Het ene team kiest iets meer mechanische grip aan de achterkant om rotatie in langzame bochten te helpen, het andere zoekt meer stabiliteit en rust op snelheid. De kunst is niet om de auto in maart al in steen te beitelen, maar om te begrijpen welke richting het grootste ontwikkelpotentieel heeft. Met twee competitieve crews kun je dat sneller en betrouwbaarder in kaart brengen.
Gryazin gaf de uitslag echte betekenis
Dat Nikolay Gryazin uiteindelijk als tweede algemeen finishte, op slechts 10,2 seconden van de winnaar, maakt de test meteen geloofwaardiger. Een ontwikkelingsrally heeft meer waarde als de auto niet alleen data verzamelt, maar ook aantoont dat de basiscompetitiviteit aanwezig is. Gryazin reed niet als een coureur die alleen kilometers aan het stapelen was. Hij noteerde drie snelste tijden, waaronder de afsluitende Power Stage, en zat op andere proeven consequent bij de snelsten met tweede tijden.
Dat patroon zegt meer dan een losse uitschieter. Een eenmalige snelste tijd kan voortkomen uit omstandigheden, een schone lijn of een geslaagde gok met banden. Meerdere toptijden over verschillende proeven suggereren dat de auto in uiteenlopende omstandigheden al een bruikbaar prestatieniveau heeft. Voor Lancia is dat essentieel. Een Rally2-project dat wel interessant aanvoelt maar structureel snelheid tekortkomt, vraagt om een ander soort ontwikkelcyclus. In Foligno leek juist het tegenovergestelde zichtbaar: de basis is snel genoeg om serieus mee te doen, terwijl er tegelijk nog veel te leren valt.
Ook de manier waarop Gryazin zijn optreden omschreef, past daarbij. De strekking van zijn reactie was helder: dit was de eerste gravelrally met de nieuwe Lancia, er viel veel te leren over de auto, het vertrouwen moest stap voor stap worden opgebouwd en ook de samenwerking met de Hankook-banden vroeg om ervaring. Daarmee schetst hij een beeld dat elke engineer graag hoort. Niet de coureur die roept dat alles perfect was, maar de coureur die precies benoemt waar de groei zit en toch bevestigt dat de test buitengewoon nuttig was.
Dat vertrouwen is in rally niet abstract. Als een rijder voelt dat de auto onder hem voorspelbaar blijft wanneer hij later remt of agressiever instuurt, dan volgen de laatste tienden vanzelf. Gryazin liet in Foligno zien dat die vertrouwensbasis al aanwezig is, al is ze nog niet volledig uitgewerkt.
Rossel leverde misschien wel de minst zichtbare, maar niet de minst belangrijke bijdrage
Yohan Rossel kende een minder rechtlijnige rally. Hij verbeterde zich gaandeweg, noteerde meerdere top 3-resultaten op proeven en liet zien dat ook zijn kant van de garage snelheid kon vinden. Daarna kreeg hij te maken met technische problemen. In plaats van een zinloze jacht op een uitslag te forceren, gebruikte het team de rest van het evenement nadrukkelijk voor setupwerk. Rossel stond na de laatste proef nog als zesde genoteerd, waarna Lancia de auto terugtrok.
Op papier klinkt dat minder indrukwekkend dan een podiumplaats. In ontwikkeltermen kan het echter even waardevol zijn. Zodra een rallyweekend niet meer primair over klassering gaat, ontstaat ruimte om iets te doen wat teams zelden openlijk romantiseren, maar voortdurend nodig hebben: gecontroleerd varianten testen in echte wedstrijdsnelheid. Kleine wijzigingen in demping, rijhoogte, differentieelinstellingen of balans onder remmen kunnen dan direct worden gespiegeld aan de feedback van een snelle, ervaren rijder.
De essentie van Rossels eigen reactie sluit daar goed op aan. Hij maakte duidelijk dat het fijn was om weer in actie te komen, dat er vroeg in de rally problemen opdoken, maar dat het team het weekend vervolgens nuttig heeft gebruikt om instellingen te testen. De toon was bemoedigend richting de toekomst. Dat is geen cosmetische quote. Het suggereert dat de problemen wel hinderlijk waren, maar niet zodanig dat de basis van het project erdoor ter discussie staat.
Voor Lancia is dat belangrijk. Een jong programma wordt niet beoordeeld op foutloosheid in maart, maar op hoe het reageert wanneer het schema afwijkt van het ideaalbeeld. Rossels rally lijkt precies dat te hebben blootgelegd: het vermogen om een tegenvaller om te zetten in bruikbare ontwikkeltijd.
Waarom data nu zwaarder kan wegen dan een trofee
In motorsport klinkt het soms als een excuus wanneer teams zeggen dat data belangrijker was dan de einduitslag. Toch is dat in een vroege ontwikkelfase vaak simpelweg waar. Een overwinning geeft status, maar zonder begrip van waarom de auto snel was, blijft dat resultaat beperkt bruikbaar. Data, feedback en correlatie tussen beide maken snelheid reproduceerbaar.
Bij een nieuwe Rally2-auto gaat het daarom om veel meer dan de klassering alleen. Engineers willen weten hoe bandenslijtage zich ontwikkelt per lus, hoe temperaturen oplopen naarmate de proef ruwer wordt, of de dempers consistent blijven werken onder herhaalde impact, hoeveel de auto verandert naarmate het reservewiel, brandstofgewicht en ondergrond verschuiven, en hoe de coureur zijn vertrouwen opbouwt binnen zo’n evoluerend geheel. Die informatie bepaalt welke onderdelen of instellingen richting de volgende rally prioriteit krijgen.
Foligno leverde Lancia precies dat type input. Het feit dat Gryazin vooraan mee kon doen, geeft context aan de cijfers. Het feit dat Rossel daarna setupwerk deed, verbreedt het databestand. Samen krijg je iets dat voor een fabrieksteam vaak waardevoller is dan een enkel moment van glans: een beter begrip van de auto over meerdere scenario’s. Dat is hoe een programma volwassen wordt.
Daarom moet de uitslag van Foligno ook niet te simplistisch gelezen worden als “net niet gewonnen”. Het relevantere verhaal is dat Lancia onder zware gravelomstandigheden meteen competitief bleek en tegelijk aantoonbaar nog ontwikkelruimte heeft. Dat is in deze fase bijna de ideale combinatie.
Lancia’s terugkeer in rally is groter dan alleen dit weekend
De Ypsilon Rally2 HF Integrale staat niet los van een enkele uitslag in Umbrië. De auto maakt deel uit van een bredere poging van Lancia om zichzelf opnieuw als relevant merk te positioneren in Europa. Voor zo’n merk is motorsport geen vrijblijvende versiering, maar een manier om geloofwaardigheid terug te winnen bij liefhebbers, media en een publiek dat Lancia vooral uit het verleden kent.
Juist daarom is rally een logische discipline. Binnen de merkgeschiedenis van Lancia heeft rallysport een zwaarder symbolisch gewicht dan circuitraces of louter marketingcampagnes. Namen, logo’s en historische verwijzingen hebben op zichzelf echter maar beperkte waarde. Ze worden pas overtuigend als een actueel project laat zien dat er weer technische ernst achter zit. De Ypsilon Rally2 moet dat verhaal dragen.
Daarbij hoort ook de homologatievertelling. Een Rally2-auto is geen showroommodel met stickers, maar een serieuze competitieauto binnen een relevante internationale klasse. Dat geeft Lancia iets tastbaars om rond het merkverhaal te bouwen: niet alleen nostalgie, maar een hedendaags technisch programma met echte tegenstand, echte meetmomenten en echte consequenties. De Ypsilon Rally2 verbindt het nieuwe Lancia-beeld dus niet direct aan allerlei onbewezen claims over straatmodellen, maar wel aan een geloofwaardig motorsportplatform dat het merk opnieuw smoel geeft.
Voor een nichemerk is dat misschien nog belangrijker dan voor een volumefabrikant. Wie geen vanzelfsprekende marktdominantie heeft, moet harder werken aan symbolische waarde. Succes, of zelfs zichtbare progressie, in rally kan dan helpen om het merk weer op de radar van enthousiastelingen te krijgen. Dat effect is lastig in spreadsheets te vangen, maar in Europa nog altijd relevant. Enthousiastelingen bepalen niet alleen verkopen, maar ook toon, reputatie en culturele geloofwaardigheid.
De Ypsilon Rally2 als geloofwaardigheidsproject
Daarmee komen we bij de kern van waarom een evenement als Foligno ertoe doet. Een nichemerk bouwt zijn reputatie niet opnieuw op met alleen designpresentaties of merkcampagnes. Het moet laten zien dat het iets aandurft wat weerstand oproept, fouten mogelijk maakt en prestaties afdwingt. Rally biedt precies die omgeving.
De Ypsilon Rally2 HF Integrale fungeert daarin als een soort geloofwaardigheidsproject. Niet omdat iedere geïnteresseerde automobilist alle technische details van de auto zal volgen, maar omdat het bestaan van zo’n programma het merk een andere lading geeft. Het suggereert ambitie, discipline en bereidheid om een product onder publieke druk te ontwikkelen. In een tijd waarin veel merkverhalen vooral uit marketingtaal bestaan, heeft dat gewicht.
Foligno hielp dus op twee niveaus. Intern kreeg het team data en richting. Extern kreeg Lancia een overtuigend verhaal: eerste graveloptreden, meteen competitief, duidelijke leerpunten, volgende stap al in zicht. Voor een merk dat zijn positie in Europa opnieuw wil aanscherpen, is dat precies het soort geloofwaardige voortgang dat telt.
Zichtbaarheid in rally werkt bovendien anders dan gewone publiciteit. Een sterke rallyaanwezigheid bereikt niet alleen een breed publiek, maar vooral een kritisch publiek. Mensen die rally volgen, prikken snel door loze claims heen. Als zo’n publiek begint te accepteren dat Lancia weer serieus meedoet, heeft dat meer waarde dan duizend slogans.
Didier Clement keek naar het grotere plaatje
De essentie van de reactie van Didier Clement bevestigt die lezing. Zijn conclusie was dat deze eerste gravelverschijning veel informatie heeft opgeleverd, dat er met verschillende setupfilosofieen is gewerkt en dat de vooruitzichten voor het seizoen veelbelovend zijn. Dat klinkt beheerst, en juist daarom is het betekenisvol. Een verantwoordelijke teamleider spreekt zo wanneer de uitkomst dicht genoeg bij het doel ligt om optimisme te rechtvaardigen, maar nog niet af genoeg is om tevreden achterover te leunen.
Dat grotere plaatje bestaat uit meerdere lagen. Ten eerste is er het pure prestatieniveau: kun je met de auto direct in de top meedraaien? Foligno suggereert van wel. Ten tweede is er de ontwikkelrichting: begrijp je beter welke afstellingen op gravel werken en waar de limieten zitten? Ook daar lijkt het antwoord positief. Ten derde is er operationele volwassenheid: hoe reageert het team op een weekend met zowel succes als technische complicaties? Dat lijkt eveneens leerzaam te zijn geweest.
Voor een programma dat richting Rally Croatia in WRC2 beweegt, is dat relevant. Kroatië wordt de volgende stap, en tegen die tijd moet niet alleen de snelheid verder aangescherpt zijn, maar ook de kennisbasis. Foligno was in die zin geen einddoel, maar een filter. Alles wat daar goed werkte, krijgt meer vertrouwen. Alles wat nog vragen oproept, krijgt prioriteit.
Rally Croatia wordt de echte volgende meetlat
De volgende stap voor Lancia is Rally Croatia in WRC2. Daarmee verschuift de context meteen. Waar Foligno in de eerste plaats draaide om gravelervaring en ontwikkeling onder echte rallyomstandigheden, krijgt het programma straks opnieuw een internationaal vergelijkingsmoment dat qua druk, zichtbaarheid en concurrentie anders aanvoelt.
Belangrijk is dat Lancia daar niet blanco naartoe gaat. Dankzij Foligno weet het team nu meer over hoe de Ypsilon Rally2 HF Integrale reageert op onverhard, hoe de coureurs het vertrouwen opbouwen en welke setupwegen potentieel hebben. Zulke kennis verkort de weg naar betere keuzes in service, bandenbeheer en afstelling.
Dat betekent niet automatisch dat alle onzekerheden zijn verdwenen. Een ontwikkelingsprogramma groeit zelden lineair. Soms bevestigt de volgende rally een stap vooruit, soms opent die juist nieuwe vragen. Maar het verschil tussen gokken en onderbouwd beslissen is groot. Foligno lijkt de Ypsilon Rally2 precies dichter bij dat tweede kamp te hebben gebracht.
Voor buitenstaanders wordt Rally Croatia daarom interessant om twee redenen. Enerzijds om te zien of het competitieve niveau van Gryazin vertaald kan worden naar een volgende omgeving. Anderzijds om te beoordelen of de lessen uit Rossels setupwerk zichtbaar terugkomen in de algehele rust en veelzijdigheid van de auto. Pas over meerdere evenementen ontstaat een echt betrouwbaar beeld, maar de eerste stevige bouwsteen ligt er nu.
Een tweede plaats die meer zegt dan alleen snelheid
De verleiding is groot om Foligno samen te vatten als “veelbelovend debuut op gravel”. Dat is correct, maar nog te oppervlakkig. Wat deze rally relevanter maakt, is de combinatie van factoren. Een ruwe ondergrond. Twee officiële crews. Een auto die voor het eerst op gravel rijdt. Een topresultaat met drie snelste tijden en een Power Stage-zege. Een tweede auto die ondanks problemen alsnog nuttig ontwikkelwerk afwerkt. En een teamleiding die vooral spreekt over informatie, vergelijking en vooruitgang.
Precies die combinatie maakt duidelijk waarom de tweede plaats van Gryazin meer is dan een mooie notering in de uitslag. Ze bewijst dat de Ypsilon Rally2 niet alleen een project met historische lading is, maar ook een serieuze machine in wording. En dat is waarschijnlijk de belangrijkste winst van dit weekend.
Lancia heeft in Foligno geen definitief oordeel over zijn terugkeer gekregen, maar wel iets waardevollers: bevestiging dat het programma onder zware omstandigheden geloofwaardig is. Voor een merk dat via rally weer technische en emotionele relevantie in Europa wil opbouwen, is dat geen klein detail. Het is de basis waarop de rest van het seizoen moet worden gebouwd.
Conclusie
De Rally Citta di Foligno was voor Lancia geen decorstuk, maar een harde test in het openbaar. Als openingsronde van het Campionato Italiano Rally Terra 2026 bood het evenement precies de omstandigheden die een nieuwe Rally2-auto nodig heeft om serieus beoordeeld te worden: ruw gravel, echte concurrentie en weinig ruimte om zwakke plekken te verbergen. De Ypsilon Rally2 HF Integrale doorstond die proef overtuigend genoeg om het project geloofwaardigheid te geven. Gryazin en Aleksandrov eindigden op 10,2 seconden van de winst, noteerden drie snelste tijden en onderstreepten de snelheid van de basis. Rossel en Dunand gebruikten een lastiger wedstrijdverloop om setupkennis op te bouwen, wat voor de verdere ontwikkeling minstens zo relevant kan blijken.
Belangrijker nog: Foligno liet zien waarom Lancia in deze fase niet alleen op resultaat rijdt, maar op begrip. Gravel straft genadeloos, maar juist daarom versnelt het de ontwikkeling. Voor een merk dat via rally weer enthousiastelingen wil overtuigen en zijn naam in Europa opnieuw van technische inhoud wil voorzien, telt dat zwaar. De volgende stap in Rally Croatia zal pas echt laten zien hoe snel de leercurve loopt. Maar de eerste conclusie na Foligno is helder: de Ypsilon Rally2 is niet alleen terug in het gesprek, hij heeft daar ook een goede reden voor.
Bron: Lancia Nederland
Eerder
-
Abarth 600e: krachtigste elektrische sportwagen met 280 pk en sperdiff 17 feb., 2025 -
Abarth 600e Competizione: 280 pk elektrische hot hatch vanaf € 40.999 05 mrt., 2026 -
Alfa Romeo viert 75 jaar vierwielaandrijving en verbindt Q4 met elektrificatie 11 mrt., 2026 -
Alpine A390 GT nu te bestellen in Nederland vanaf 67.900 euro 31 mrt., 2026